U heeft een katheter gekregen omdat u de blaas niet meer (volledig) zelf kunt legen, of omdat uw blaas erg is uitgerekt en rust nodig heeft om weer zijn normale kracht terug te krijgen.

Wat doet een katheter?

Een katheter is een soepele slang waardoor urine uit de blaas kan wegstromen. De katheter heeft twee openingen; de ene kant wordt in uw blaas gebracht. Aan die kant bevindt zich een ballonnetje dat na het inbrengen wordt gevuld met steriel water. Hierdoor blijft de katheter op zijn plaats in uw blaas. U kunt de katheter dus niet zomaar verliezen. Aan de andere kant van de katheter bevindt zich het aansluitstuk voor de katheterzak. Op deze manier kan de urine aflopen uit de blaas.

Onderlichaam van de vrouw en de man

Een suprapubische katheter of een transurethrale katheter

Er zijn twee soorten katheters: een suprapubische katheter en een transurethrale katheter. Een suprapubische katheter is een slangetje dat via een kleine opening in uw buik is geplaatst. Een transurethrale katheter is een slangetje dat via de plasbuis (de urethra) in de blaas is ingebracht. De verzorging van deze katheters is nagenoeg gelijk. Aan beide katheters bevestigt u een urineopvangzak.

De transurethrale katheter (via de plasbuis)

Deze katheter wordt ingebracht door de uroloog of verpleegkundige en gaat door de plasbuis naar de blaas. U kunt dus niet meer normaal plassen. Krijgt u de katheter voor langere tijd, dan moet u deze na ongeveer 12 weken laten verwisselen. Dit wisselen kan door de thuiszorg, huisarts of verpleegkundige van het ziekenhuis. In het laatste geval krijgt u hiervoor een afspraak mee.

Verzorging

  • U kunt gewoon onder de douche met de katheterzak bevestigd op het bovenbeen. Als u dit vervelend vindt, kunt u de zak ook loskoppelen en een stopje of klemmetje op de katheter plaatsen. Vraag hiervoor bij de verpleging een stopje of klemmetje.

  • Als u doucht maakt u de katheter goed schoon met water, evenals de schaamlippen of penis (hierbij de voorhuid terughalen). Gebruik hierbij geen zeep; zeep heeft een ongunstige invloed op de bacteriën die van nature rondom de urine-uitgang aanwezig zijn.

  • Als u de zak heeft losgekoppeld, sluit u deze weer aan op de katheter en bevestigt u de zak aan uw been.

De suprapubische katheter (via de buik)

Deze katheter, kortweg SP genoemd, wordt na plaatselijke verdoving door de uroloog in de onderbuik geprikt. De uroloog plaatst de katheter rechtstreeks in de blaas, net boven het schaambeen. De SP wordt via de buik ingebracht, omdat u via de normale weg niet goed meer kunt plassen. De urine kan de eerste paar dagen wat bloederig zijn en het kan enkele bloedstolseltjes bevatten. Dit is normaal en komt door het inbrengen van de slang. Als de urine na een week nog erg rood ziet, neem dan contact op met de polikliniek Urologie. Als u de SP voor langere tijd krijgt, komt u na ongeveer 6 weken terug om de katheter te laten wisselen. De eerste paar keer wordt dit in het ziekenhuis gedaan, daarna door de thuiszorg, huisarts of verpleegkundige van het ziekenhuis. In het laatste geval krijgt u hiervoor een afspraak mee. Kijk voor meer informatie over dit type katheter de folder ‘Plaatsen van een suprapubische katheter’.

Verzorging

  • U kunt gewoon onder de douche met de katheterzak bevestigd op het bovenbeen. Als u dit vervelend vind kunt u de katheterzak ook loskoppelen en een stopje of klemmetje op de katheter plaatsen. Vraag hiervoor bij de verpleging een stopje of klemmetje.

  • Voor het douchen kunt u het gaasje verwijderen.

  • Maak na het douchen de huid rond de insteekopening goed droog.

  • Alleen bij roodheid of irritatie van de huid brengt u een dun laagje Betadinezalf aan rond de insteekopening.

  • Dek vervolgens de opening zo nodig weer af met een splitgaasje.

  • Als u de zak heeft losgekoppeld, sluit u deze weer aan op de katheter en bevestigt u de zak aan uw been.

Belangrijk!

Is de suprapubische katheter eruit gevallen, neem dan direct contact op met uw huisarts of het ziekenhuis. Binnen korte tijd is het namelijk nog mogelijk om een nieuwe katheter door het kanaal te voeren. Duurt dit langer dan één uur dan zullen de blaas en de huid zich weer sluiten.

Activiteiten

U kunt met uw katheter gewoon fietsen, sporten, zwemmen etc. Indien u twijfelt over een activiteit, dan kunt u dit altijd met een verpleegkundige op de polikliniek bespreken.

Het starterspakket

U heeft zojuist een pakket meegekregen met allerlei materialen die het verzorgen van uw katheter mogelijk maken. In het pakket zitten de volgende materialen:

  • 3 dagzakken;

  • 3 nachtzakken;

  • 6 aansluitstukjes;

  • 1 bedhaak;

  • 1 beenzakhouder;

  • 1 paar beenbandjes;

  • Extra bij een suprapubische katheter: 1 rol pleisters en 1 doos gaasjes.

Urine opvangen

De urine, die door de slang afloopt, komt in een opvangzak. Er zijn 2 typen opvangzakken: een dagzak (met een kortere slang en inhoud van max. 500 ml) en een nachtzak (met een langere slang en een inhoud van max. 2000 ml).

Dagzak van de katheter

Dagzak

Nachtzak van de katheter

Nachtzak Overdag draagt u de dagzak. Deze dagzak draagt u op uw bovenbeen. U kunt de slang naar de gewenste maat afknippen. Er zitten knopen op het elastiek waar u de dagzak aan kunt bevestigen. Het elastiek draagt u op uw bovenbeen. Het is goed om te wisselen van been.

Het legen van de dagzak

Als de dagzak zich heeft gevuld met urine kunt u het kraantje aan de onderkant openzetten en de urine in het toilet af laten lopen. Vergeet niet het kraantje weer dicht te zetten! U kunt 1 keer per week de dagzak verwisselen. Eventueel kunt u dagelijks de dagzak doorspoelen met lauwwarm water. ’s Avonds kunt u een nachtzak aan de dagzak bevestigen. In een nachtzak kan twee liter urine. Hij is dus groot genoeg voor de hele nacht, zodat u er ’s nachts niet uw bed voor uit hoeft. Het bevestigen doet u door de nachtzak aan het kraantje van de dagzak te bevestigen. Let hierbij wel op dat u het kraantje van de nachtzak eerst dichtdoet. Het kraantje van de dagzak kan vervolgens opengezet worden, zodat de urine in de nachtzak komt. De nachtzak kunt u vervolgens met behulp van de bedhaak aan uw bed hangen. De nachtzak moet namelijk altijd lager hangen dan uw blaas.

Het legen van de nachtzak

Als de nachtzak zich heeft gevuld met urine, kunt u het kraantje aan de onderkant openzetten en de urine in het toilet af laten lopen. De nachtzak kunt u na het legen omspoelen met lauwwarm water en opbergen in een schone handdoek. U kunt ongeveer 1 week met één nachtzak doen.

Flipflo (kraantje)

Het is mogelijk dat u in overleg met de uroloog of de verpleegkundige geen katheterzak krijgt, maar een kraantje dat bevestigd wordt aan het uiteinde van de katheter. U krijgt dan de instructie om dit kraantje elke 3-4 uur te openen om de blaas te legen. Voor de nacht kunt u eventueel wel een nachtzak aansluiten op het kraantje en deze dan open zetten. Het kraantje verwisselt u iedere 6 weken. Het voordeel van een kraantje is dat de blaas weer de opvangfunctie terugkrijgt, u traint dan de blaas. Daarnaast heeft u geen katheterzak op het been.

Nieuw materiaal bijbestellen

In het startpakket zit materiaal voor 2 weken. Heeft u de katheter langer, dan kunt u het telefoonnummer op het pakket bellen en krijgt u een medewerker van de betreffende firma aan de lijn. Op bijgevoegde formulieren staan de bestelnummers die u dan doorgeeft aan de medewerker. De bestelde materialen heeft u in principe de volgende dag in huis.

Vergoeding

De firma waarvan u het starterspakket heeft ontvangen, declareert zelf de kosten bij uw zorgverzekeraar. U hoeft hier dus niets voor te regelen. Over het algemeen worden alle materialen die u nodig heeft voor het verzorgen van uw katheter vergoed door de verzekering. Let er wel op dat eerst uw eigen risico opgemaakt zal worden. Tip: wilt u meer informatie over de urinezakken? Bekijk dan het instructiefilmpje: https://www.youtube.com/watch?v=p9FRy1IP1n8

Belangrijk!

Wij raden u aan om voldoende water te drinken. Dit wil zeggen 1,5 liter, naast de gebruikelijke kopjes koffie en thee. Dit om uw blaas goed schoon te houden en eventuele urineweginfecties te voorkomen. Ook bevordert dit de doorgang van de katheter. Verder is het belangrijk om voor en na het verwisselen van een urinezak uw handen te wassen.

Mogelijke problemen

In het begin kunt u last hebben van:

  • Lichte blaasirritatie (het gevoel dat u moet plassen). Dit kan worden veroorzaakt door het ballonnetje dat opgeblazen zit in de blaas en tegen de blaaswand komt. Hierdoor kunt u ook af en toe een klein (bloed)stolseltje in de urineopvangzak zien zitten. Dit is normaal. Ook kan de urine soms rood van kleur zijn. De katheter irriteert de blaaswand dan wat meer. Een paar extra glazen water zorgt ervoor dat de rode kleur afneemt. Zolang de katheter wel goed blijft aflopen, hoeft u zich geen zorgen te maken! Als u bloedverdunnende medicijnen gebruikt is de kans hierop groter.

  • Urinelekkage langs de katheter. Dit wordt veroorzaakt door:

    • blaaskrampen/-pijn in de onderbuik, het gevoel dat u moet plassen, pijn die uitstraalt naar de top van de penis.

    • door een volle blaas, doordat de urine mogelijk niet goed door de katheter wordt afgevoerd.

Als er geen urine meer afloopt door de katheter ga dan het volgende na:

  • Is er misschien een knik in de katheterslang?

  • Hangt de opvangzak wel lager dan de blaas?

  • Heeft u voldoende gedronken? (minimaal anderhalve liter, dat zijn zo’n tien glazen per dag).

Heeft u deze problemen opgelost en loopt de urine nog steeds niet, neem dan contact op met uw huisarts of de polikliniek/afdeling Urologie. Tijdens kantooruren kunt u bellen met de polikliniek Urologie:

  • Leiderdorp (071 582 8060)

  • Leiden (071 517 8244)

In de avond en tijdens het weekend kunt u contact opnemen met verpleegafdeling B2 – Urologie: 071 582 9019.

Tot slot

Denkt u eraan bij ieder bezoek aan het ziekenhuis een geldig legitimatiebewijs (paspoort, identiteitsbewijs, rijbewijs) en uw zorgverzekeringpas mee te nemen. Als uw gegevens (verzekering, huisarts, etc.) zijn gewijzigd kunt u dit laten aanpassen bij de patiëntenregistratie in de centrale hal van het ziekenhuis. Wij stellen het op prijs als u zich tijdig meldt voor de afspraak.

Vragen

Heeft u nog vragen en/of opmerkingen naar aanleiding van deze folder, stelt u deze dan aan de baliemedewerker van de polikliniek Urologie. De polikliniek Urologie Alrijne Ziekenhuis Leiden heeft routenummer 24 en is op werkdagen tussen 08.30 en 12.30 uur en tussen 13.30 en 16.30 uur telefonisch te bereiken via nummer 071 517 8244. De polikliniek Urologie in Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp heeft routenummer 8 en is op werkdagen tussen 08.30 en 12.30 uur en tussen 13.30 en 16.30 uur telefonisch te bereiken via nummer 071 582 8060. Buiten deze uren wordt u verbonden met een antwoordapparaat, waarop u wordt verteld hoe u de uroloog bij spoedgevallen kunt bereiken. De polikliniek Urologie in Alrijne Ziekenhuis Alphen aan den Rijn heeft routenummer 58 en is op dagen dat wij spreekuur hebben tussen 08.30 en 12.30 uur en tussen 13.30 en 16.30 uur telefonisch te bereiken via 0172 467 060. Buiten deze uren en dagen wordt u automatisch doorverbonden met de locatie Leiderdorp of met het antwoordapparaat, waarop wordt verteld hoe u de uroloog bij spoedgevallen kunt bereiken. De polikliniek Urologie in Alrijne Sassenheim (woonservicecentrum SassemBourg) is telefonisch te bereiken via 071 517 8751. De verpleegafdeling Urologie van Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp is te bereiken via 071 582 9019.

Terug naar boven