Afdelingen & Specialismen

Afspraak


Uw kind wordt op op ………………………dag, ……………………….- …………………………… - 20…



om ……………………. uur nuchter verwacht in



  • Alrijne Ziekenhuis Leiden. U meldt zich bij het Behandelcentrum OK (BOK), routenummer 37.
  • Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp. U meldt zich op afdeling C5.
  • Alrijne Ziekenhuis Alphen aan de Rijn. U meldt zich op afdeling B1 (routenummer 72).

De adressen van de ziekenhuislocaties vindt u op de voorzijde van deze folder.






De keel-, neus- en oorarts (KNO-arts) heeft voorgesteld de neusamandel van uw kind te verwijderen. Tijdens dezelfde operatie worden ook trommelvliesbuisjes geplaatst. De neusamandel van uw kind is chronisch ontstoken en/of te groot. Door de neusamandel te verwijderen, wordt het aantal infecties verminderd en/of de doorgankelijkheid van de neus verbeterd. De ingreep heeft geen invloed op de ontwikkeling van het afweermechanisme van uw kind.Door het aanbrengen van trommelvliesbuisjes kan vocht makkelijk uit het middenoor lopen. Ook kan er lucht in het oor komen. Hierdoor gaat uw kind beter horen en/of een wordt middenoorontsteking voorkomen. In deze folder vertellen wij u meer over beide ingrepen.


De functie van het trommelvliesbuisje

Het trommelvliesbuisje neemt tijdelijk de functie van de buis van Eustachius over. Deze buis is een verbinding van de neus naar het oor. Bij jonge kinderen zit de buis van Eustachius wel eens dicht, bijvoorbeeld door een verkoudheid. Hierdoor kan zich vocht ophopen in het middenoor. Dit kan oorontstekingen en slechthorendheid veroorzaken. Door een buisje te plaatsen in het trommelvlies, maakt de arts een opening van het middenoor naar de buitenlucht. Hierdoor kan het vocht uit het oor weglopen en kan er lucht het middenoor in. Zo kan het oor weer normaal functioneren. Een buisje in het trommelvlies kan geen kwaad. Maar vuil water en zeepwater kunnen wel via de opening van het buisje een infectie in het middenoor veroorzaken.




100

1 = gehoorgang


2 = trommelvlies


3 = trommelvliesbuisje


4 = buis van Eustachius


5 = middenoor en gehoorbeentjes


6 = binnenoor (= slakkenhuis)



Wat zijn amandelen

De neusamandel en de twee keelamandelen helpen bij de bestrijding van infecties in het lichaam. Met de lucht en met het voedsel komen allerlei bacteriën en virussen het lichaam binnen. De amandelen in de neus- en de keelholte, vangen de ziekteverwekkers op en maken ze onschadelijk. Amandelen hebben dus een nuttige functie.



Waarom amandelen verwijderen

Bij een hevige infectie worden de ziekteverwekkers niet genoeg vernietigd. Ze hopen zich dan op in de amandelen. De amandelen raken hierdoor chronisch ontstoken en zijn opgezwollen. Een chronische ontsteking van de neusamandel veroorzaakt een voortdurende of telkens terugkerende verkoudheid met een vieze neus. Het is ook vaak de oorzaak van een blijvende of steeds terugkerende oorontsteking (oorpijn en slecht horen). De neusamandel is nu zelf de oorzaak van ontstekingen geworden en is niet nuttig meer. Wanneer de neusamandel meer kwaad dan goed blijkt te doen, stelt de KNO-arts voor deze te verwijderen.



Opname

Het verwijderen van de neusamandel gebeurt meestal in dagbehandeling. Dit betekent dat uw kind wel in het ziekenhuis wordt opgenomen, maar geen nachtje hoeft te blijven.


Deze operatie vindt plaats op alle drie de ziekenhuislocaties. Maar er zijn verschillen in de opnameprocedure en wachtruimte. We zijn bij deze folder uitgegaan van een algemene procedure.



Voorbereiding op de ingreep

Voorbereiding thuis

  • Koop alvast paracetamol: zetpillen of tabletten voor na de operatie.
  • Geef uw kind vanaf 5 dagen voor de operatie géén pijnstillers meer die een bloedverdunnende werking hebben, zoals Aspirine, APC, acetylsalicylzuur.
    Als uw kind pijn heeft, kunt u het wel een tablet of zetpil paracetamol geven.

Het is belangrijk dat u uw kind zelf al vertelt wat er gaat gebeuren. Enkele tips:
  • Begin op tijd met vertellen. Uw kind kan aan het idee wennen en u kunt het nog eens herhalen.
  • Vertel uw kind dat het best verdrietig mag zijn en dat het mag huilen.
  • Ga ook eens in de bibliotheek kijken. Er zijn verschillende boeken die over het zie­kenhuis gaan.

De dag van de ingreep

Doe uw kind kleding aan die gemakkelijk uitgaat en goed wasbaar is.
Als uw kind lang haar heeft, verzoeken wij u twee vlechten of lage paardenstaartjes te maken. Gebruik liever geen speldjes.

Neem contact op met de polikliniek KNO als:
  • Uw kind 3 weken voor de opname in contact is geweest met een kinderziekte.
  • Uw kind meer dan 38º C koorts heeft.
  • Uw kind 2 dagen voor de ingreep een DKTP-vaccinatie heeft gehad.
  • Uw kind 14 dagen voor de ingreep een BMR-vaccinatie heeft gehad.

Wat neemt u mee naar het ziekenhuis?

  • extra nachtgoed en extra ondergoed;
  • pyjama;
  • sloffen;
  • knuffelbeest, speeltje of doekje, waaraan het kind gehecht is;
  • een geldig legitimatiebewijs van uw kind.
In verband met de rust op de afdeling, verzoeken wij u geen andere kinderen mee te nemen.

Vooronderzoek

U bent met uw kind op de polikliniek Anesthesie geweest of u bent gebeld voor het preoperatief onderzoek. De anesthesioloog heeft met u besproken hoe uw kind in slaap wordt gebracht. U heeft ook informatie gekregen over het nuchterbeleid (nuchter = niet gegeten of gedronken hebben).

Voorbereiding

Het is belangrijk dat uw kind nuchter is vóórdat het onder narcose gaat. Kinderen met een gevulde maag kunnen gaan braken als zij narcose krijgen. Dit kan ernstige complicaties geven. Er kan bijvoorbeeld bij het onder narcose brengen maaginhoud in de longen terechtkomen.

Vanaf middernacht (24.00 uur) voor de operatie mag uw kind geen vast voedsel meer eten. Het mag dus ook niet ontbijten. Uw kind mag wel blijven drinken tot 2 uur vóór de opname! Het mag dan alleen nog water, limonade van heldere limonadesiroop, of thee en koffie zonder melk drinken. Dus: géén melkproducten, fruitsappen of koolzuurhoudende frisdranken en het mag ook géén snoep eten.
Eventuele medicijnen mag uw kind altijd met een klein slokje water innemen tot uiterlijk 1 uur vóór de operatie.

Voorbereiding van de ouders

Moet uw kind nuchter zijn, dan raden we u als ouders aan toch gewoon te ontbijten. Het heeft geen zin om ook nuchter te blijven. Zorg dat uw maag gevuld is. Op die manier kunt u beter tegen eventuele spanningen bij uw kind en uzelf.

De operatie

U meldt zich op de afgesproken tijd in het ziekenhuis.

U en uw kind worden door een verpleegkundige opgehaald. Eén ouder of verzorger mag mee naar de operatiekamer en mag bij het kind blijven totdat het in narcose is. Uw kind wordt in de operatiekamer op de operatietafel gelegd. U mag ernaast staan en het vasthouden. De anesthesioloog brengt uw kind in narcose. Uw kind krijgt hiervoor een kapje over zijn neus en mond, of er wordt een infuusnaald ingebracht.
Als uw kind een infuusnaaldje krijgt, heeft het van tevoren een pleister op de hand gekregen. In de pleister zit verdovingszalf, zodat het prikje geen pijn doet.

Vlak voordat uw kind helemaal in narcose is gebracht, kan het zich even onrustig bewegen. Ook blijven de ogen, ondanks de narcose, soms open. Dit zijn normale reacties op het narcosemiddel. Zodra uw kind slaapt, vragen wij u de operatiekamer te verlaten.
De KNO-arts verwijdert de neusamandel en plaatst de trommelvliesbuisjes.

Afwijkende gang van zaken

Bij grotere kinderen of bij bijzondere omstandigheden, gaat het soms anders dan hierboven staat. De arts heeft dit van tevoren met u besproken.

Na de operatie

Na de operatie gaat uw kind naar de uitslaapkamer. Het blijft daar onder toezicht van verpleegkundigen totdat het wakker wordt. Dan haalt de verpleegkundige u op en brengt u bij uw kind in de uitslaapkamer.

Er kan nog wat bloed uit de neus of mond van uw kind komen. Dat duurt meestal maar korte tijd.
Sommige kinderen moeten na de operatie braken, omdat ze bloed hebben ingeslikt.
De ontlasting kan gedurende 2 of 3 dagen zwart van kleur zijn. Dit komt ook door ingeslikt bloed.
Ook kan uw kind een beetje last hebben van een stijve nek of oorpijn. Dit is normaal en gaat na een tijdje vanzelf over.

Naar huis

Als alles normaal verloopt, kan uw kind in de loop van de ochtend weer naar huis.

Het herstel - na het verwijderen van de neusamandel

Voor een snel herstel van het wondgebied is het belangrijk dat uw kind de eerste 24 uur veel drinkt. Het hoeven geen grote hoeveelheden te zijn, als het maar regelmatig drinkt. Drie keer een kleine slok is beter dan één grote slok. Uw kind mag alle koele, waterige dranken zonder prik hebben. De meeste kinderen hebben de dag na de operatie geen klachten meer en kunnen dan weer normaal eten. Als uw kind zich goed voelt, mag het de dag na de operatie weer naar buiten en naar school.

De eerste weken na de operatie kan uw kind flink verkouden blijven of verkouden worden. Daarnaast kan het oorpijn hebben. Laat uw kind niet snuiten. Veeg eventuele viezigheid alleen weg.

Het herstel - na het plaatsen van trommelvliesbuisjes

Loopoor
In een enkel geval krijgt uw kind na de operatie een loopoor. Dan loopt er dun oorsmeer uit het oor. Als dit langer dan drie dagen duurt, moet u contact opnemen met de polikliniek KNO. De arts zal dan oordruppels voorschrijven.

Water
  • De eerste twee weken moet u voorzichtig zijn met water in de oren. Bij douchen en haren wassen kunt u het beste een propje vette watten in de oren van uw kind doen.
  • De eerste twee weken mag uw kind nog niet zwemmen.
  • Het is beter geen badschuim meer te gebruiken. In tegenstelling tot gewoon water kan zeepwater namelijk wel door het openingetje van het trommelvliesbuisje. U kunt de haren gewoon wassen met shampoo, want het water loopt meestal niet in het oor.
  • Na twee weken mag uw kind weer zwemmen zonder oordopjes.
  • Als uw kind regelmatig oorpijn of een loopoor (pus uit het oor) krijgt na het zwemmen is het verstandig om oordopjes te gebruiken. Deze kunt u laten aanmeten op de polikliniek KNO in Leiden of Alphen of bij een hoortoestellenwinkel (audicien). Als dit niet helpt, kan uw kind beter een tijdje met zwemmen stoppen.
Een loopoor schoonmaken
Maak met een wattenstaafje alleen het begin van de gehoorgang zoveel mogelijk schoon. Houd het wattenstaafje in de gehoorgangopening en laat het watje de pus opzuigen. Met behulp van enkele wattenstaafjes kan het oor goed worden schoongemaakt. Als het loopoor na 3 dagen nog niet over is, moet u contact opnemen met uw huisarts of specialist. Deze zal dan meestal oordruppeltjes en soms een antibioticakuur voorschrijven.

Het druppelen van het oor
Leg uw kind neer met het loopoor naar boven. Trek de oorschelp een beetje naar achteren, zodat u de gehoorgang goed kunt zien. U moet drie keer per dag enkele druppels in het oor laten lopen. Vaak is 7-10 dagen oordruppelen genoeg. Druppel het oor niet langer dan voorgeschreven is. Als u te lang druppelt, werken de druppels niet goed meer, of kan overgevoeligheid voor dit medicijn ontstaan. Het is daarom niet verstandig om uit voorzorg de oren te druppelen na het zwemmen! Als het loopoor ondanks het gebruik van oordruppels niet overgaat, moet de kno-arts het oor schoonmaken. Meestal gebeurt dit met een zuigbuisje ('stofzuigertje').

Complicatie
De belangrijkste complicatie is het ontstaan van een gaatje in het trommelvlies nadat het buisje is uitgegroeid. Een gaatje kan echter ook ontstaan als gevolg van een oorontsteking. Een klein gaatje in het trommelvlies heeft meestal weinig gevolgen voor het gehoor. Zijn er toch problemen, dan kunt u contact opnemen met de polikliniek KNO.

Hoe lang blijven de buisjes zitten?

Buisjes blijven gemiddeld negen maanden tot een jaar in het trommelvlies zitten. Dit is van tevoren niet precies te voorspellen. Daarom is het nodig om de oren elk half jaar door de kno-arts of door de huisarts te laten controleren. Het trommelvliesbuisje hoeft bijna nooit te worden verwijderd. Het wordt spontaan door het trommelvlies uitgestoten. Opnieuw plaatsen van buisjes is alleen nodig als de klachten terugkomen. Dit komt heel soms voor. Als dit gebeurt, is het goed om te weten dat de oorproblemen meestal vanzelf overgaan op 6-8-jarige leeftijd.

Pijnstillers

In de eerste dagen na de ingreep kan uw kind last hebben van pijn. Deze pijn is meestal gering, ook als er tevens wat vocht uit het middenoor is weggezogen. U kunt zo nodig een paracetamol tablet/zetpil geven. De dosering is afhankelijk van het gewicht van uw kind.
Geef de eerste dagen na de operatie geen medicijnen die de stolling nadelig beïnvloeden, dus geen pijnstillers die acetylsalicylzuur bevatten.

Controle

Ongeveer 8 weken na de ingreep komt u met uw kind voor controle op het spreekuur van de kno-arts. U kunt hiervoor een afspraak maken bij het Afsprakenbureau, telefoonnummer: 071 515 5543. U kunt maximaal 6 weken vooruit een afspraak maken.

Wanneer neemt u contact op met het ziekenhuis?

Verwijderen neusamandel: Komt er enkele uren na de operatie of een van de volgende dagen vers (helder rood) bloed uit de neus of de mond van uw kind, neem dan contact op met de polikliniek KNO. Als de polikliniek gesloten is, kunt u bellen met de afdeling Spoedeisende Hulp (SEH). Vertel hierbij dat uw kind in het ziekenhuis aan zijn amandelen is geopereerd. Het telefoonnummer van de afdeling Spoedeisende Hulp (SEH): 071 582 8905.

Tot slot

Denkt u eraan bij ieder bezoek aan het ziekenhuis een geldig legitimatiebewijs (paspoort, identiteitsbewijs) van uw kind mee te nemen en de zorgverzekeringspas. Zijn er gegevens (verzekering, huisarts, etc.) gewijzigd, meldt u dit dan bij de Patiëntenregistratie in de hal op de begane grond van het ziekenhuis.
Wij stellen het op prijs als u zich tijdig meldt voor de afspraak.


Vragen

Heeft u nog vragen en/of opmerkingen naar aanleiding van deze folder, stelt u deze dan aan de baliemedewerker van de polikliniek.

De polikliniek KNO Alrijne Leiden heeft routenummer 17.
De polikliniek KNO Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp heeft routenummer 19.
De polikliniek KNO Alrijne Ziekenhuis Alphen aan den Rijn heeft routenummer 44.

De polikliniek KNO van Alrijne Ziekenhuis (alle locaties) is van maandag tot en met vrijdag tussen
8.30 - 12.30 uur en van 13.30 - 16.30 uur telefonisch te bereiken via 071 582 8051.


De Spoedeisende Hulp (SEH) van Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp is bij een spoedeisende zorgvraag buiten kantoortijden telefonisch te bereiken via 071 582 8905.
Tijdens kantooruren staan de medewerkers van onze polikliniek u graag te woord.