De oogarts heeft bij u een pterygium geconstateerd. In deze folder geven wij u informatie over pterygium en de behandeling hiervan. Het is mogelijk dat in individuele gevallen de gang van zaken iets afwijkt van wat hier is beschreven.

Wat is een pterygium?

Een pterygium is een aandoening waarbij een bindweefselplooi van het oog (conjunctiva) in de richting van het hoornvlies (cornea) groeit. Meestal ontstaat een pterygium aan de neuskant van het oog en groeit deze bindweefselplooi vanuit de neushoek richting het centrum van het hoornvlies. Het pterygium kan ook aan een andere kant van het oog ontstaan, maar groeit wel altijd richting het centrale deel van het hoornvlies. Het is een vrij veel voorkomende aandoening.

normaal oogoog met pterygium

Normale situatie

Oog met pterygium

Hoe ontstaat een pterygium?

Er is lang niet altijd een duidelijke oorzaak. Wel is duidelijk dat UV- licht (zonlicht) een rol speelt. Het pterygium komt meer voor in zonnige streken en bij mensen die als kind in de tropen gewoond hebben of buiten hebben gewerkt. Een donkere huidskleur beschermt meestal niet tegen het ontstaan van een pterygium.

Klachten

Meestal heeft men geen last van een pterygium. Maar soms is er sprake van:

  • chronische irritatie;

  • roodheid van het oog aan de kant van het pterygium;

  • verminderd zicht door een of meer van de volgende afwijkingen:

    • doordat het pterygium het centrum van het hoornvlies nadert.

    • doordat de traanfilm over het hoornvlies niet mooi egaal is.

    • doordat het pterygium de kromming van het hoornvlies verandert waardoor het zien vermindert.

Behandeling

Als het oog geïrriteerd is door het pterygium, kan behandeling met kunsttranen soms al voldoende zijn. Wanneer er onvoldoende effect is van de oogdruppels of bij overgroei van het pterygium naar het centrum van het hoornvlies, kan een operatie worden overwogen. Ondanks de behandeling kan in sommige gevallen een pterygium toch weer terugkomen. Dit gebeurt in minder dan 5% van de gevallen. Redenen om te opereren zijn:

  • vermindering van het gezichtsvermogen;

  • vervorming van het hoornvlies;

  • beperking van oogbewegingen;

  • een afwijking van het pterygium zelf;

  • bij groei van meer dan 3 mm over het hoornvlies;

  • het niet meer kunnen dragen van contactlenzen.

Voor de operatie

Het is belangrijk dat u een actuele lijst van de medicijnen die u gebruikt (actueel medicatieoverzicht) opvraagt bij uw apotheek en deze ook meeneemt naar het preoperatief spreekuur. Meld het gebruik van bloed verdunnende medicijnen ook aan uw oogarts. Deze zal met u bespreken of u hiermee door mag gaan, of tijdelijk moet stoppen.

De dag van de operatie

Wij adviseren u sieraden, geld en andere kostbare bezittingen thuis te laten. Meestal wordt u geopereerd onder plaatselijke verdoving. Op de dag van de operatie kunt u een licht ontbijt/een lichte lunch gebruiken; geen warme maaltijd. Alcohol- of drugsgebruik voor de operatie is niet toegestaan. Het is noodzakelijk dat u zich door een familielid of een vriend(in) laat vergezellen omdat u na de operatie niet zelf naar huis kunt rijden. De totale tijd die u op de dag van operatie in het ziekenhuis doorbrengt is ongeveer 2,5 uur.

De operatie

In de operatiekamer ligt u in een verstelbare stoel die in horizontale (liggende) positie wordt gezet. U ligt in deze stoel met een steriele doek over uw hoofd. De doek wordt circa 25 cm boven uw mond omhoog gehouden door een buis. Hier komt extra zuurstof uit tijdens de operatie. U kunt het dus niet benauwd krijgen. Het oog is goed verdoofd met behulp van druppels en een injectie met verdovende vloeistof onder het slijmvlies dus de operatie is niet pijnlijk. Tijdens de operatie wordt het oog open gehouden met een ooglidspreider. Als eerste zal het pterygium worden verwijderd. Op de plaats waar het pterygium zat, ontstaat een wond in het slijmvlies (de conjunctiva). Vanuit een andere plaats van hetzelfde oog wordt een stukje slijmvlies (conjunctiva) geknipt. Dat wordt vervolgens getransplanteerd naar de wond. Hier wordt het transplantaat vastgezet met weefsellijm en/of een hele fijne hechting. Deze lossen vanzelf op. Na de operatie wordt zalf in het oog gedaan en een oogverband aangebracht. Ook krijgt u een oogkapje. Het oogverband moet u op de dag van de operatie en de eerstvolgende nacht laten zitten.

ogen

Na de operatie

De ochtend na de operatie mag het verband van het geopereerde oog. De pleisters en het verband kunt u weggooien. Het plastic oogkapje dient u schoon te maken en te bewaren. Dit oogkapje draagt u de eerste week na de operatie ’s nachts ter bescherming van het oog. Het oogkapje heeft de vorm van een peer; de “steel” van de peer hoort op het voorhoofd boven de neuswortel te zitten, bij vastplakken van het kapje. U kunt nog enige dagen een pijnlijk of zanderig gevoel in het geopereerde oog hebben. Vaak blijft het oog nog enkele weken rood. Na de operatie gebruikt u:

  • paracetamol als pijnstiller. De eerste dagen, te beginnen direct na de operatie, drie keer per dag 2 tabletten van 500 mg.

  • 3 x per dag oogdruppels, tot de 1e controle op de polikliniek, een paar dagen na de operatie. De druppels zijn pijnstillend en ontsteking remmend

  • 3 x per dag oogzalf, tot het wondje genezen is. Dit kan tot circa 2 weken duren. De zalf is zeer belangrijk voor de genezing van het wondje, en moet worden aangebracht na het toedienen van de oogdruppels (en niet ervoor).

Na de eerste of tweede controle op de polikliniek krijgt u van de oogarts andere druppels voor-geschreven. Hiermee moet u beginnen als het wondje op het oog dicht is. De oogarts vertelt u wanneer dat is. Deze moeten tot 3 maanden na de operatie gebruikt worden, te beginnen met drie keer per dag.

Druppelinstructie/ zalfinstructie

  1. Was altijd uw handen voordat u druppelt, de zalf aanbrengt of uw oog aanraakt.

  2. Maak tot twee weken na de operatie de ooglidranden schoon met behulp van een wattenschijfje of watten. Maak deze eerst nat onder stromend leidingwater.

  3. Hoe te druppelen of de zalf aan te brengen: trek het onderste ooglid iets naar beneden, druppel/ breng de zalf aan in het gootje van het ooglid. Tussen twee druppels/ zalf een minuut wachten zodat de druppels/zalf goed kunnen inwerken. Indien u beiden gebruikt eerst de druppel en daarna de zalf toedienen. Let u vooral op dat de afstand tussen het oog en het flesje/ de tube niet te groot of te klein is. Vermijd contact tussen het oog en het flesje of de tube.

Tips (zie afbeelding)

  • Kijk tijdens het druppelen of zalf aanbrengen omhoog;

  • Houd het hoofd achterover gekanteld;

  • Druppels/zalf bij kamertemperatuur bewaren. Na openen van de flesjes/tubes zijn de druppels/zalf 1 maand houdbaar.

instructies voor druppelen

Leefregels thuis

  • Het geopereerde oog is de eerste week na de operatie kwetsbaar. Het is belangrijk om ’s nachts het oogkapje te dragen ter bescherming van het oog.

  • U mag de eerste week niet in het oog wrijven.

  • Normaal huishoudelijk werk of kantoorwerk is toegestaan. U mag wandelen, televisie kijken, fietsen en lezen.

  • Handelingen waardoor druk op het oog kan ontstaan zoals bukken, tillen en niezen is toegestaan, echter in de eerste week na de operatie niet in extreme mate.

  • U mag douchen en haren wassen onder voorwaarde dat u het geopereerde oog sluit. Let u op dat u bij het afdrogen niet in het geopereerde oog wrijft of er op drukt.

  • Alle sporten mogen na een week weer beoefend worden. Wees voorzichtig met sprong- en contactsporten. De eerste drie weken na de operatie mag echter u niet zwemmen.

  • Indien u bloedverdunners gebruikte, die voor de operatie tijdelijk gestopt waren, kunt u na de operatie weer starten, indien van toepassing volgens de lijst van de trombosedienst.

  • Vliegen na de operatie is geen probleem. Houdt u wel rekening met de controle-afspraken. Het advies is om de eerste twee weken na de operatie in Nederland te blijven, zodat u eventueel snel voor controle kunt komen.

oog voor de operatieoog na de operatie

Voor de operatie

3 maanden na de operatie

Complicaties

Zoals bij iedere operatie, kunnen complicaties optreden. Weliswaar komt dit slechts zelden voor, maar als het u betreft kan het toch heel vervelend zijn. Niet alle mogelijke complicaties kunnen worden opgenoemd, maar de meest voorkomende zijn de volgende.

  • De meest voorkomende complicatie is dat het pterygium na kortere of langere tijd toch weer terug groeit. De kans hierop is kleiner dan 5% in nog niet eerder geopereerde ogen. Als het al een recidief van een eerder geopereerd pterygium betreft, is de kans groter: hoe vaker men al een recidief gehad heeft, hoe meer kans dat dat opnieuw gebeurt.

  • Het hoornvlies kan onregelmatig blijven of zelfs onregelmatiger worden: de kans hierop is groter naarmate het pterygium dichter tot bij de pupil gegroeid was.

  • Het slijmvlies kan langere tijd rood en gezwollen blijven. De oogleden kunnen langere tijd gezwollen blijven. Dit gaat na dagen tot weken vanzelf over.

  • Het geopereerde oog kan iets kleiner lijken dan het andere oog. Dat komt door uitrekken van een oogspiertje wat het bovenooglid openhoudt tijdens de operatie, door de ooglidspreider. De kans hierop is ongeveer 5%. Meestal gaat dit na een paar maanden weer over, maar niet altijd: in minder dan 1% van de gevallen is het blijvend.

  • U zou na de operatie een ontsteking of infectie in het oog kunnen krijgen. Gelukkig is dit heel zeldzaam (minder dan 1 op 2000).

Belangrijke informatie

  • Het geopereerde oog kan nog enkele weken overmatig tranen en het andere oog traant mogelijk mee.

  • U kunt het gevoel hebben alsof er iets in het geopereerde oog zit, een zandkorrelgevoel. Dit is normaal omdat een klein wondje aanwezig is.

  • Een verbetering treedt soms niet direct op. Schrik hier niet van. De genezing kan soms enkele weken duren.

  • Na de operatie kan het oog nog wekenlang rood en gevoelig zijn. De oogleden kunnen flink gezwollen of zelfs blauw zijn. Dit zal geleidelijk afnemen.

Neem contact op met de polikliniek Oogheelkunde bij:

  • Aanhoudende hevige pijn en verlies van uw gezichtsvermogen;

  • Twijfel in een bepaalde situatie (anders dan hierboven is vermeld).

De telefoonnummers vindt u achter in deze folder. Binnen enkele dagen na de operatie komt u voor controle bij polikliniek Oogheelkunde. Hiervoor is een afspraak gemaakt. Deze afspraak staat in de brief, waarmee u wordt opgeroepen voor de operatie.

Leefregels

Het is belangrijk dat u:

  • het oog beschermt tegen stoten en ongemerkt wrijven; draag 's nachts het beschermkapje tot een week na de operatie.

  • gedurende drie weken niet zwemt; dit om de kans op infecties zo klein mogelijk te houden.

  • zich houdt aan de door de arts voorgeschreven controletermijnen

  • zich houdt aan het voorgeschreven medicijnenprotocol; stop nooit zomaar zelf met druppelen of oogzalf.

Tot slot

Denkt u eraan bij ieder bezoek aan het ziekenhuis een geldig legitimatiebewijs (paspoort, identiteitsbewijs, rijbewijs), een actueel medicatie overzicht en uw zorgverzekeringspas mee te nemen. Zijn uw gegevens (verzekering, huisarts, telefoonnummer, etc.) gewijzigd, meldt u dit dan bij de Patiëntenregistratie op de begane grond in de hal van het ziekenhuis.

Uw team

Op onze polikliniek werken naast de oogartsen ook optometristen, orthoptisten en TOA’s (technisch oogheelkundig assistenten). Zij zullen voorafgaand aan uw bezoek aan de oogarts de vooronderzoeken doen. Houdt u daarom rekening met een langere bezoektijd op onze polikliniek. Daarnaast is Alrijne Ziekenhuis een opleidingsziekenhuis. Dit betekent dat u onderzocht kunt worden door een coassistent of kunt worden behandeld door een oogarts in opleiding, beide onder directe supervisie van uw oogarts. Heeft u hiertegen bezwaar, meldt u dit dan voor aanvang van de afspraak.

Meer informatie

Voor meer achtergrondinformatie over oogaandoeningen en de behandeling ervan kunt u kijken op

www.oogartsen.nl

. Deze informatieve site wordt onderhouden door onder anderen de oogartsen van Alrijne Ziekenhuis. U vindt er teksten, foto’s, filmpjes en handige links naar bijvoorbeeld patiënten verenigingen. Ook kunt u veel informatie vinden op de website:

www.oogheelkunde.org

.

Vragen

Heeft u nog vragen en/of opmerkingen naar aanleiding van deze folder, stelt u deze dan aan uw oogarts of de medewerkers van de polikliniek oogheelkunde. De polikliniek oogheelkunde Alrijne Ziekenhuis Leiden heeft routenummer 7 en is van maandag tot en met vrijdag telefonisch te bereiken via 071 517 83 24 van 08.30 tot 12.30 en van 13.30 tot 16.30 uur. De polikliniek oogheelkunde Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp heeft routenummer 7 en is van maandag tot en met vrijdag telefonisch te bereiken via 071 582 8058 van 08.30 tot 12.30 uur en van 13.30 tot 16.30 uur. De polikliniek oogheelkunde Alrijne Ziekenhuis Alphen aan den Rijn heeft routenummer 40 en is van maandag tot en met vrijdag telefonisch te bereiken via 0172 467 058 van 08.30 tot 12.30 uur en van 13.30 tot 16.30 uur. De Spoedeisende Hulp (SEH) van Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp is bij een spoedeisende zorgvraag buiten kantoortijden telefonisch te bereiken via 071 582 8905. Tijdens kantooruren staan de medewerkers van onze polikliniek u graag te woord.

Terug naar boven