Patiënten met carpaal tunnel syndroom hebben vaak last van tintelingen en/of een doof gevoel in het verzorgingsgebied van de beknelde zenuw (de palmzijde van de duim, wijsvinger, middelvinger en een deel van de ringvinger). Vaak beginnen de klachten 's nachts en wordt men hier wakker van. Door even met de hand te schudden, worden de klachten vaak minder. Ook kan men last krijgen van de hand bij bewegingen die men vaak doet en knijpen; bijvoorbeeld bij tuinieren, fietsen of computerwerk. Andere klachten zijn krachtverlies en dingen uit de handen laten vallen. Als de zenuw langer bekneld zit, kan het gevoel in de vingers verdwijnen en de kracht van de spieren in de duimmuis verminderen. 

Terug naar boven