Een mallet vinger ontstaat doordat u de gestrekte vinger stoot. Dit kan bijvoorbeeld bij het instoppen van lakens of door een bal die verkeerd op een vinger terecht komt. Door een dergelijk ongelukje scheurt de strekpees los van het laatste kootje van de vinger. Soms breekt daarbij ook een stukje van het bot af. Het gevolg is een afhangend topje van de vinger, dat u niet zelf meer kunt strekken. Het wordt 'mallet' betekent in het Engels 'hamer': de vinger lijkt enigszins op een hamertje. De diagnose wordt gesteld door middel van lichamelijk onderzoek. Om te zien of het bot niet is gebroken, wordt er vaak een röntgenfoto gemaakt.

Bij een langer bestaande mallet vinger kan de strekking van de vinger zo verstoord zijn, dat een groter deel van de strekpees uit balans is. Dan kan een misvorming van de vinger ontstaan, een zogenaamde 'swanneck' (zwanenhalsstand). Hierbij hangt niet alleen het eindkootje naar beneden, maar heeft de vinger ook moeite met buigen in het middelste gewrichtje.

Terug naar boven