Uw kind wordt binnenkort geopereerd. Het is belangrijk dat uw kind na de operatie zo min mogelijk last heeft van pijn. In deze folder leest u meer over de pijnbehandeling na de operatie.

Wat is pijn?

Pijn is een vervelend en onprettig gevoel. Ondanks dat kan pijn wel heel nuttig zijn. Het heeft namelijk een signaalfunctie. Het is een teken dat er iets niet goed gaat in het lichaam. Na de operatie is uw kind de enige die kan vertellen of zij/hij pijn heeft en hoe erg die pijn is. Pijn kan dus per kind verschillen. Pijn kan er voor zorgen dat uw kind minder slaapt, geen eetlust heeft of geen zin heeft om te spelen. Pijn kan ook de stemming van uw kind beïnvloeden. Uw kind kan humeurig, verdrietig, angstig of stiller worden. Als u dit merkt bij uw kind is het belangrijk om dit aan de arts of verpleegkundige te melden. Een goede pijnbehandeling zorgt ervoor dat uw kind zich prettiger voelt en draagt bij tot het herstel.

Hoe wordt pijn gemeten?

Om te weten hoeveel pijn uw kind heeft, kan de verpleegkundige de pijn meten. De methode van pijnmeting hangt af van de leeftijd van uw kind. Binnen ons ziekenhuis maken wij gebruik van kindvriendelijke pijnmeetmethoden.

Wat uw kind doet

Kinderen van 0 tot 4 jaar kunnen vaak niet zeggen dat ze pijn hebben, maar laten dit wel zien. Aan de hand van 7 gedragskenmerken bepaalt de verpleegkundige de pijnscore.

Wat uw kind zegt

Voor kinderen van 4 tot 10 jaar maken we gebruik van gezichtjes. Aan de hand van de gezichtjes die op een meetlatje staan, kan uw kind aanwijzen welk gezichtje het beste past bij de pijn die uw kind op dat moment heeft. Aan elk gezichtje is weer een cijfer verbonden.

Gezichtjes van blij naar verdrietig

Afb. Jonkman Kindzorg Voor kinderen van 10 jaar en ouder maken we gebruik van een pijnscore met cijfers. Wij vragen aan uw kind hoeveel pijn hij/zij ervaart en de pijn een cijfer te geven. De score loopt van 0 tot 10. Hierbij betekent een 0 dat uw kind helemaal geen pijn heeft en een 10 dat uw kind de ergste pijn heeft die het zich kan voorstellen. geen pijn 0–1–2–3–4–5–6–7–8–9–10 meest denkbare pijn Het kan zijn dat uw kind alleen op bepaalde momenten pijn heeft, bijvoorbeeld bij bewegen of bij hoesten. Het is belangrijk dat de verpleegkundige hiervan op de hoogte is. De pijn kan op dat moment gemeten en behandeld worden.

Wat doen wij eraan?

De behandeling van pijn kan uit meerdere methoden bestaan. Als basis krijgt uw kind op vaste tijden pijnstillers in de vorm van een tablet, drank of zetpil (bijvoorbeeld paracetamol en diclofenac). Indien de pijn onacceptabel blijft, kan er extra pijnstilling gegeven worden via het infuus (bijvoorbeeld morfine). Verder zijn er nog enkele specifieke methoden om de pijn te verzachten. Dit wordt tijdens de operatie gedaan terwijl uw kind slaapt. Bijvoorbeeld:

  • wondinfiltratie: in de wond wordt een plaatselijk verdovend middel gespoten.

  • zenuwblokkade: het verdoven van een bepaalde zenuw of zenuwgroep.

  • caudaal block: verdoving onder in de rug om de lies- en bilstreek enkele uren te verdoven.

Wat kunt u zelf doen?

Wanneer uw kind niet steeds aan de pijn denkt, voelt uw kind het meestal ook minder. Goede voorbereiding en de aanwezigheid van een ouder of vertrouwd persoon ervaren kinderen als geruststellend. Afleiding in de vorm van voorlezen, een film kijken muziek of bezoek zijn enkele voorbeelden om de pijn te verzachten. Straal rust en vertrouwen uit, u kunt uw kind troosten en steunen.

Misselijkheid

Het optreden van misselijkheid en braken na een operatie wordt door meerdere factoren bepaald. Dit is goed te behandelen met medicijnen.

Wanneer stoppen met pijnstilling?

Voor iedere pijnstiller geldt een maximale dosering die per 24 uur gegeven mag worden. Deze medicatie is voor maximaal 5 dagen na de operatie. Geen pijn? Dan adviseren wij om de eerste 48 uur na de operatie wel de pijnmedicatie te geven en dan te stoppen. Medicijnen op recept kunt u bij de apotheek ophalen. Paracetamol is vrij verkrijgbaar.

Tot slot

Denkt u er aan dat u bij iedere afspraak in het ziekenhuis een geldig identiteitsbewijs en de eigen zorgpas van uw kind meeneemt. De identificatieplicht geldt in de zorg ook voor kinderen. Zijn de gegevens (verzekering, huisarts, etc.) gewijzigd, meldt u dit dan bij de Patiëntenregistratie in de hal op de begane grond van het ziekenhuis.

Vragen

Heeft u vragen over de informatie in deze folder of over andere zaken die te maken hebben met de anesthesie of narcose, dan kunt u die altijd stellen aan de verpleegkundige of de arts.