U heeft van de nefroloog (arts gespecialiseerd in nierziekten) te horen gekregen dat u binnenkort moet gaan dialyseren. Samen met de nefroloog heeft u gekozen voor dialyse via een peritoneale dialysekatheter. Deze katheter zal tijdens een operatie worden ingebracht. Deze folder geeft u informatie over het plaatsen van de peritoneale katheter, de zorg rondom de operatie en de aandachtspunten en leefregels voor en na de operatie.

De nieren

Ieder mens heeft normaal gesproken twee nieren, één aan de linker- en één aan de rechterzijde in de buikholte. De nieren zijn van levensbelang. Ze verwijderen afvalstoffen uit het lichaam, regelen de vochtbalans en produceren belangrijke hormonen.

Dialyse

Dialyse is noodzakelijk wanneer uw nieren niet meer of niet voldoende werken. Om toch de afvalstoffen uit uw bloed te kunnen halen, is dialyse nodig. In uw geval is gekozen voor dialyse met een peritoneale dialysekatheter. Hierbij wordt het buikvlies gebruikt als dialysefilter (peritoneum is de Latijnse benaming voor het buikvlies).

Wat is een peritoneale dialysekatheter?

De katheter is een slangetje van soepel, zacht kunststof en heeft een totale lengte van ongeveer 40 centimeter. Het uitwendige deel is ongeveer 15 centimeter. De katheter komt door de buikwand heen in de buikholte te liggen. Hiervoor wordt een huidpoort gecreëerd. Het uiteinde van de katheter is geperforeerd en ligt in het diepste punt van de peritoneale holte. Zo kan de spoelvloeistof afvalstoffen en overtollig vocht opnemen en afvoeren. Aan het uiteinde van de katheter zit een titanium connector (verbindingsstukje). Op de titanium connector zit een wit dopje om de katheter mee af te sluiten. Dit witte dopje moet altijd op de katheter zitten. Is dit niet het geval, neem dan contact op met de dialyseafdeling. Halverwege de katheter zit een wit klemmetje. Dit is een voorzorgmaatregel om de toegang tot de buikholte afgesloten te houden. Als u gaat starten met dialyseren wordt daar nog een soepele dunne slang van 15 centimeter aangekoppeld. Zo zien de peritoneale dialysekatheter en de huidpoort eruit; met en zonder pleister.

Peritoneale dialysekatheter met pleister

Peritoneale dialysekatheter zonder pleister

Voorbereiding op de operatie

De chirurg heeft met u de plaatsing van de peritoneale dialysekatheter besproken. Daarna heeft u een afspraak met de anesthesist die met u de voorbereidingen treft om alles goed te laten verlopen op de operatiedag. Daarna krijgt u een brief thuis gestuurd met de datum van de opname.

Bloedverdunners

Gebruikt u bloedverdunnende medicatie dan krijgt u een brief mee voor de trombosedienst dat u binnenkort geopereerd wordt. De trombosedienst zorgt er dan voor dat de bloedverdunnende medicatie tijdig wordt gestaakt. Op de ochtend van de operatie wordt het bloed nogmaals gecontroleerd of het in orde is. Als u al op de hemodialyseafdeling dialyseert, zorgt de nefroloog ervoor dat de bloedverdunnende medicatie tijdig wordt gestopt.

Soepele ontlasting

U start 5 dagen voordat u geopereerd wordt met 1x per dag een zakje Movicolon. De dag vóór de operatie neemt u 2 zakjes Movicolon. Dit medicijn zorgt er voor dat de ontlasting soepel blijft. Soepele ontlasting zorgt er voor dat de peritoneaal dialysekatheter beter op zijn plaats blijft zitten.

De dag voor de operatie

Op de opnamedag heeft u een gesprek met een verpleegkundige van de dialyseafdeling. Samen met u zal de verpleegkundige bespreken op welke plaats de katheter uit de buik zal komen. Het is de bedoeling dat de katheter niet in de knel komt onder uw kleding. De katheter mag ook niet in een huidplooi geplaatst worden. De verpleegkundige zal met een viltstift de plaats aanduiden waar de katheter uit de buikwand moet komen. Om medische redenen kan de chirurg tijdens de operatie besluiten een andere plaats te kiezen dan de afgetekende plaats.

De operatie

De operatie vindt plaats onder narcose. Dit betekent dat u voor de operatie door de anesthesist in slaap wordt gebracht. U merkt niets van de operatie. De chirurg brengt vervolgens de katheter in. U houdt aan de operatie een kleine snee over in de buurt van de navel. De operatie duurt 30 tot 45 minuten. Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer gebracht en tenslotte naar de verpleegafdeling. Hier houdt u 24 uur bedrust om de operatiewond zoveel mogelijk rust te geven. Na de operatie komt de dialyseverpleegkundige op de verpleegafdeling om het verband te controleren op eventuele wondlekkage. Uw katheter wordt dan ook doorgespoten met een steriele zoutoplossing. Ook wordt deze opgevuld met een heparineoplossing. Heparine is een middel om bloedstolling tegen te gaan. Zo zorgen we ervoor dat de katheter niet verstopt raakt. Na de operatie - dit kan ook de volgende dag zijn - wordt er een röntgenfoto van uw buik gemaakt om te controleren of de katheter goed zit.

Na de operatie

Als er geen complicaties zijn, mag u de dag na de operatie naar huis. Vaak worden er oplosbare hechtingen gebruikt. Deze verdwijnen vanzelf. Mochten er bij de operatie geen oplosbare hechtingen zijn gebruikt, dan worden deze 7-10 dagen na de ingreep door de PD verpleegkundige op de dialyseafdeling verwijderd. Er is geen afspraak bij polikliniek Chirurgie nodig. Het verband dat na de operatie is aangebracht blijft 5 tot 7 dagen zitten. U mag zolang het verband er op zit niet douchen. Na 5 tot 7 dagen heeft u een controleafspraak voor wond- en huidpoortcontrole op de dialyseafdeling.

Weer thuis

Van de dialyseverpleegkundige krijgt u de volgende spullen mee:

  • verbandmiddelen om zo nodig bij te verbinden;

  • de bereikbaarheidsdienst regeling, zodat u iemand kunt bellen als u vragen heeft of er problemen ontstaan;

  • een recept voor Bactroban (mupirocine) 20 mg/g neuszalf, die u nodig heeft voor de verzorging van uw huidpoort;

  • een wit katheterklemmetje;

  • een wit katheterdopje;

De dialyseverpleegkundige gaat u aanmelden bij de firma Excen. Zij leveren de pleisters voor de verzorging van uw huidpoort.

Aandachtspunten en leefregels

De katheter heeft de tijd nodig om goed in te groeien in de buikwand. Hieronder vindt u een aantal aandachtspunten en leefregels om dit te bevorderen:

  • Draag makkelijke zittende kleding. Vermijd dat uw kleding op de huidpoort drukt of de katheter afknelt.

  • Til geen zware voorwerpen zoals boodschappen, een volle emmer of stofzuiger (til max. 5 kg).

  • Let op bij hoesten of niezen: probeer bij hoesten of niezen uw buik te ondersteunen.

  • Voorkom dat u uw buik stoot of dat iemand tegen uw buik stoot, bijv. opspringende huisdieren.

  • Wees alert op obstipatie.

  • Vermijd zwaar lichamelijke arbeid zoals stofzuigen, tuinieren.

  • De eerste zes weken mag u niet sporten. Lichte lichamelijke inspanning zoals recreatief fietsen of wandelen is geen probleem.

De eerste verbandwissel op de dialyseafdeling

Op de dialyseafdeling wordt het verband dat na de operatie is aangebracht door de dialyseverpleegkundige onder steriele omstandigheden verwijderd. Mocht de huidpoort nog te veel vocht afscheiden dan wordt er weer een steriel verband aangelegd en krijgt u een afspraak mee voor een week daarna. Als de huidpoort geen vocht meer lekt, krijgt u instructies hoe u uw huidpoort moet verzorgen.

Verzorging van de huidpoort

Van de dialyseverpleegkundige krijgt u instructie hoe u dagelijks uw huidpoort moet verzorgen. In ‘Hoe verzorg ik mijn huidpoort’ staat stap voor stap beschreven hoe u dat moet doen. Als het goed is heeft u van de firma Excen een eerste levering gekregen met verbandmateriaal voor het verzorgen van de huidpoort. Bij de levering zit een kaart waarop staat hoe u zelf de pleisters kunt bij bestellen bij de firma Excen.

Doorspuiten en opvullen van de dialysekatheter

Totdat de katheter gebruikt wordt voor dialyse, komt u wekelijks terug op de dialyseafdeling. De katheter wordt doorgespoten met een zoutoplossing en opgevuld met een heparineoplossing om verstopping te voorkomen. Als u na een maand nog niet gestart bent met dialyse wordt de frequentie 1 keer per 2 weken.

Wanneer neemt u contact op met de dialyseafdeling?

  • flink nabloeden: als het bloed door het verband heen komt;

  • hevige pijn in de buik;

  • koorts (vanaf 37,5 ° Celsius);

  • als er bloed in de katheter komt: een beetje bloed in de katheter is niet ernstig, maar de katheter moet wel doorgespoten worden met een steriele zoutoplossing en opgevuld met een heparineoplossing om te voorkomen dat er een verstopping optreedt;

  • als de ontlasting na de operatie niet op gang komt (2 dagen geen ontlasting);

  • als het witte dopje van de katheter af raakt mag u datzelfde dopje er niet weer op zetten. U heeft van de dialyseafdeling een wit dopje in verpakking meegekregen. Zet dit dopje op de katheter en neem gelijk contact op met de dialyseafdeling, ook ’s nachts!

  • het witte klemmetje gebruikt u als er lekkage optreedt uit de katheter. Plaats het klemmetje tussen de plaats van de lekkage en de buikwand waar de katheter naar buiten komt. Neem ook nu gelijk contact op met de dialyseafdeling, ook ’s nachts!

  • als u het niet vertrouwt.

Vragen

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt zich wenden tot de dialyseafdeling van Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp. U kunt de vragen ook opschrijven en ze stellen als u weer op de dialyseafdeling komt.

Telefoonnummers

Met vragen of bij problemen kunt u contact opnemen met de dialyseafdeling: 071 582 8741 of 582 8740 Als de afdeling gesloten is, neemt u contact op met de dienstdoende dialyseverpleegkundige. U kunt deze bereiken via de telefooncentrale van het Alrijne Ziekenhuis Leiderdorp: 071 582 8282

Terug naar boven